Struinen door de duinen (de Blink)

Struinen door de duinen (de Blink)

Van: Frank-Peter Scheenstra
dinsdag 21 juli 2026

Struinen door de duinen

Van het Landschap Zuid-Holland kregen we toestemming om een groep mensen buiten de paden rond te leiden in de Blink. Met z’n dertienen kropen we tussen de draden van het hek door en liepen we in de vegetatie en het rulle zand door een ongerept stuk natuur. Dit zijn de enige duinen in Nederland waar niet wordt beheerd. Deze extensieve vorm van buiten de paden lopen is goed om het zand te laten verstuiven.

Vrijwel meteen vonden we Valse salie, met zijn gele bloemen, en Zandblauwtje. De laatste behoort tot de klokjesfamilie en doet me een beetje denken aan een rapunzel. Juist doordat er zandverstuivingen plaatsvinden, heeft deze plant het hier goed naar zijn zin. Bijna overal waren de bloemen van Akkerwinde, Geel walstro en Glad walstro en de hierop parasiterende uitgebloeide Walstrobremraap.

Het mooiste viooltje van onze flora is volgens mij het Duinviooltje. Eerder dit seizoen stond het gebied vol met deze bloemen. Wij hebben de laatste exemplaren bewonderd. De Driedistel deed ons even twijfelen, omdat er exemplaren bij waren met ongebruikelijke vergroeiingen (bandvorming of fasciatie). De Veldhondstong was volledig uitgebloeid en de zaden met weerhaakjes waren thuis weer moeilijk uit onze sokken te halen. Een andere ruwbladige, de Kromhals, stond nog wel prachtig in bloei. Als je een bloemetje met hals en al uittrekt dan zie je meteen waar hij zijn naam aan te danken heeft.

Ik gebruikte een aantal gebiedskenmerken als herkenningspunt voor de wandeling. De eerste was een oude Taxus op een duin. Om er te komen gingen we duin op duin af. Op een gegeven moment keken we vanaf een hoog duin in een enorme stuifkuil. Enkele Damherten met jongen hadden duidelijk minder moeite met het rulle zand. Wat een mooi gezicht zoals die zich met grote sprongen op veilige afstand begaven. Later liet een Ree zien dit ook te kunnen. De sporen van een Vos in het zand waren duidelijk anders dan die van een hond. Tussen de vier teenkussens van een Vos kun je een denkbeeldige ‘X’ tekenen. In de grote kuil stond het zeldzame Schijnduinzwenkgras. Verder op de pauzeplek stond Zacht loogkruid en de Grote tijm roken we toen we er doorheen struinden. Door de loep konden we goed de klierharen van de Kleverige reigerbek zien

Veel planten dicht bij zee hebben een blauwgroene kleur en zijn hard, waarschijnlijk als bescherming tegen stuifzand. Zo ook Zeekweek, Buntgras en Duinriet. Een klein maar misschien wel het mooiste bloemetje was het echt Duizendguldenkruid. In de hoogste takken van door wind getekende struiken zagen we Graspiepers en daarboven Boomvalken en Slechtvalken.

Vanaf hoge duinen was het gebied zonder paden prachtig te zien met hoogte verschillen, kleurschakeringen, de zee in het westen en, met verrekijker, de hoogovens ver weg in het noorden.

Groeten, Frank-Peter

Foto’s: Hanneke Olheten