Excursie Kennemermeer 10 juni 2017

Van: Jelle van Dijk
zon 11 juni 2017

Met 15 deelnemers maakten we een mooie wandeling langs de oostelijke rand van dit meertje dat ontstond bij de aanleg van de zeejachthaven van IJmuiden. Vanaf de grote parkeerplaats loop je zo het gebied in. Voordat we dat deden stonden we even stil bij een flinke pol Hokjespeul, een soort die vooral uit Zuid-Limburg en de omgeving van Nijmegen bekend is. De randen van het Kennemermeer worden begin juni geel gekleurd door de duizenden Grote ratelaars. Tien meter na het toegangshek zagen we al de eerste Rietorchissen. Goed was te zien hoe de meeste bezoekers door het terrein lopen, want tredplanten als Tengere rus en Armbloemig waterbies geven hier duidelijk het loopspoor aan. Opvallende planten waren ook Moeraskartelblad, Gewone vleugeltjesbloem en Knopbies. Ook de vele zeggen kregen de nodige aandacht (Drienervige zegge, Zeegroene zegge, Zilte zegge, Valse voszegge). In het natte, zuidelijke deel bleken vele honderden Groenknolorchissen te staan. Deze soort droeg vroeger de naam Sturmia. Ondertussen waren ook Bitterling, Geelhartje en de Moeraswespenorchis gevonden. In het rietveld bij de zuidpunt van het meer zagen we een paar Rietgorzen en ook een Baardmannetje.

Tot besluit liepen we nog even naar een braakliggend terreintje bij de jachthaven. Hier noteerden we Slanke mantelanjer en Oorsilene. Tussen de steenblokken langs de waterkant groeiden Zeekool, Zeevenkel, Zeewolfsmelk en Strandbiet.

Binnen enkele uren hadden we een indrukwekkende lijst bijzondere planten genoteerd. Dat de flora van het Kennemermeer zich zo fraai ontwikkelt, is vooral te danken aan een groep vrijwilligers die er voor zorgt dat het gebied grotendeels open blijft. Elk najaar wordt door hen en medewerkers van de gemeente Velsen de opslag van wilgen en elzen verwijderd, daarmee voorkomend dat dit gebied in een ondoordringbaar bos verandert.
Jelle