Excursie Coepelduynen

Van: Jelle van Dijk
dinsdag 6 juli 2021

Dankzij medewerking van Staatsbosbeheer konden we op 5 juli met 12 deelnemers een mooie avondwandeling maken door het noordelijke deel van de Coepelduynen. Na de vele regen van dit voorjaar was het nu één bloemenzee, een totaal ander beeld dan in de afgelopen drie jaren na een extreem droog voorjaar.
De Nachtsilene, een soort die we in voorgaande jaren nauwelijks zagen, was nu met honderden bloeistengels te zien. Mooi was te zien dat de bloemen aan het einde van de wandeling verder open waren dan bij de start. De groeiplaatsen oogden gewoon veel witter vanwege de opengaande bloempjes. Verrassend veel zagen we ook de Kleine steentijm, een soort die in ons land vooral te zien is in het zogenaamde zeedorpenlandschap bij de kustplaatsen. Na veel regenwater zijn ook altijd veel Bitterkruidbremrapen te zien, Deze soort parasiteert op Echt bitterkruid. Dat is niet altijd duidelijk te zien omdat vooral planten die nog niet in bloei staan geparasiteerd worden. In het deel waar voor 1966 nog een dennenbos stond vonden we nog een tiental Wilgenroosjes. Deze soort heeft tientallen jaren dit deel van de Coepelduynen rood gekleurd. Het is een typische soort van kapvlakten. Bij de wilgenroosjes was ook een flinke groeiplaats van Stalkaars en Keizerskaars ontstaan. Deze toortsen met grote, gele bloemen zijn van elkaar te onderscheiden door te letten op de aanhechting van het blad aan de stengel. Het voert te ver om hier een complete plantenlijst op te nemen. In ieder geval was iedereen het er over eens dat dit duingebied een bijzonder rijk flora herbergt. Wel is te hopen dat de verstuiving die de laatste jaren vooral het zuidelijke deel stevig heeft aangegrepen, zich niet zal uitbreiden tot het noordelijke deel waar de typische zeedorpenflora zich optimaal ontwikkeld heeft.
Groet, Jelle

foto’s: Dini Thibaudier en Jelle van Dijk